Jarenlang was Greg Van Avermaet de eeuwige belofte. Een renner met veel talent, maar net dat zuchtje te weinig om te winnen. En toen kwam de Tour van vorig jaar, waar hij een rit won. “Daar heeft hij het vertrouwen gevonden en is de olympische kampioen geboren”, zegt sportpsycholoog Jef Brouwers.

Een topsporter zit soms vreemd in elkaar. De constante druk om te presteren zorgt voor een zware mentale last. Pas als die onder controle is, komt de kampioen naar boven, zegt sportpsycholoog Jef Brouwers, die in Rio de Belgische atleten begeleidt. Hij zag zaterdag Greg Van Avermaet olympisch kampioen worden en was er niet door verrast. “Bij Greg staan alle parameters juist voor zo’n prestatie. Hij is bescheiden, hij heeft alles goed op een rij, is uiterst talentvol en heeft de juiste omkadering. Het kon bijna niet fout gaan, als ook de benen meewilden. En dat was zaterdag het geval.”

Greg Van Avermaet is 31. Dat is niet jong voor een wielrenner. “Hij heeft heel lang gewacht om te weten hoe goed hij is en te beseffen dat hij kon winnen. Toen hij dat eens doorhad, is zijn zelfvertrouwen alleen maar gegroeid waardoor hij nog meer wint en zal winnen”, zegt Jef Brouwers.

De déclic kwam er in de Tour van vorig jaar, toen hij een rit won voor Peter Sagan. “Vanaf toen is hij nog gegroeid. Het is dáár dat hij echt heeft leren winnen en dat hij veranderd is in de goede renner die vaak naast het podium viel tot de supercoureur die er staat op de grote momenten.”

“Het zou wat kort door de bocht zijn om te zeggen dat hij van een domme renner een slimme winnaar is geworden, maar er is wel iets van. Hij heeft geleerd dat hij minstens even goed is als de anderen en vaak beter. Als dat besef er eens is, ben je vertrokken. Veel atleten blijven daar steken. Hoeveel beloften zijn er niet die niet doorbreken eens ze prof zijn.

Dat predicaat van eeuwige belofte heeft Greg ook jarenlang gehad. Hij was goed, maar net niet goed genoeg om te winnen. Tot dat ene moment vorig jaar in de Tour. Daar is de olympische kampioen geboren. De renner die ineens besefte dat hij wel degelijk minstens even goed was al de toppers van zijn sport. Als je dat weet, dan is the sky the limit.”

Goede sfeer

Maar er is meer, zegt Brouwers. “De omstandigheden in Rio spelen ook mee. De sfeer binnen de Belgische ploeg was heel goed. Onderschat daarin de rol van bondscoach Kevin De Weert niet. Hij is een van hen, tot twee jaar geleden koerste hij nog met hen mee. Hij zorgt ervoor dat heel de ploeg een kliek wordt, waar de druk wordt weggehouden. Ook dat is bijzonder belangrijk. Elke atleet die aan de start van een olympische wedstrijd komt, droomt ervan kampioen te worden.

Zolang die droom geen stress wordt, is dat alleen maar positief en zorgt het psychologisch voor een boost zodat je meer kan dan je denkt. Vraag het aan Greg zelf en hij zal je zeggen dat hij nooit had gedacht dat hij dit zou doen. Gedroomd, dat wel. En kijk.”

 

Bron: Het Nieuwsblad.

Share